-

SNB kan ook in de toekomst als zelfstandig bedrijf de huidige ontwikkeling tot grondstoffenfabriek voortzetten. Dat concluderen de aandeelhouders van SNB in hun geactualiseerde strategie voor de eindverwerking van slib.

Afzetzekerheid en duurzaamheidswinst

De aandeelhouders – vijf waterschappen – willen in beginsel vasthouden aan de huidige route van slibverwerking via monoverbranding door SNB. Dit omdat er voor de aandeelhoudende waterschappen de komende jaren nog geen significant betere technologieën en routes voor slibeindverwerking beschikbaar zijn. “De huidige route biedt afzetzekerheid, is op kostprijs concurrerend en de extra duurzaamheidswinst die met beschikbare alternatieve technologieën geboekt zou kunnen worden is beperkt. Dit omdat SNB haar energie-efficiency inmiddels vergaand heeft geoptimaliseerd, CO2 terugwint uit verbrandingsgassen en fosfaat laat terugwinnen uit de as”, aldus de aandeelhouders.

Nauwelijks voordelen

Een fusie van SNB met een andere publieke afvalverwerker biedt de huidige aandeelhouders nauwelijks voordelen, vinden ze. “Dan zou de bestuurlijke zeggenschap afnemen, is de benutting van synergetische kansen onzeker en is de doelmatigheidswinst gering of voor de aandeelhouders van SNB zelfs negatief”, stellen de aandeelhouders vast.

Verwaarden gedroogd slib

SNB-directeur Marcel Lefferts onderschrijft de strategische keuzes en conclusies van de aandeelhouders van harte. “Als het gaat om doorontwikkeling naar een grondstoffenfabriek zien we zeker kansen voor slibdroging. We kunnen in de toekomst naast de monoverbranding van slib ook slib gaan drogen met restwarmte. Ook zien we volop mogelijkheden voor het verwaarden van gedroogd slib naar producten met een hoge toegevoegde waarde zoals bioplastic, waterstofgas en biodiesel. We zetten hier vanuit onze innovatieagenda maximaal op in”, aldus Lefferts.

Ketenoptimalisatie

Daarnaast ziet Lefferts mogelijkheden voor het verder versterken van het keten-denken en voor een intensievere rolinvulling van strategisch ketenoverleg tussen de aandeelhouders en SNB. “Dat betekent dat we van elkaar informeren verder gaan naar regie over het totaal. Met een juiste organisatie en bezetting kan dit ketenoverleg een belangrijke bijdrage leveren aan de samenwerking tussen aandeelhouders onderling en tussen aandeelhouders en SNB. Daarmee realiseren we betere sturing aan ketenoptimalisatie en dragen we gezamenlijk bij aan de circulaire economie.”